
Het is aan partijen als Partij voor de Misantropen en D66 te danken dat op mensenhaat nauwelijk meer een taboe rust. Mensen die een hekel hebben aan hun eigen kind echter, zitten anno 2026 nog steeds in het verdomhoekje. Hoe ongemanierd, ongetalenteerd of weinig charmant een kind ook is, de maatschappij verwacht van ouders dat zij onvoorwaardelijk achter hun kroost blijven staan (zelfs als het fouten maakt!) en dat zij de loftrompet afsteken over elke scheet dat het laat. Wij van PvdM ruiken onrecht nog als het verzopen is in een gierput en schuwen het niet in de bres te springen voor maatschappelijke paria’s. Speciaal voor alle misantropen die hun kind haten, presenteren wij hier bij wijze van een hart onder de riem een selectie quotes uit onze – altijd overvolle – mailbox. Weet: u bent niet alleen!
“Ik hoef maar naar hem te kijken en ik zie mijn ex. De uitstraling van een boekhouder, de levenslust van een boekhouder. Alles op veilig, nooit eens risico nemen. Als hij een proefwerk heeft begint hij twee weken tevoren met leren. Elk van die veertien avonden vraagt hij me braaf of ik hem wil overhoren. En ja, een hoog cijfer is gegarandeerd het resultaat. Maar ik heb nu al medelijden met zijn toekomstige vrouw. Soms ben ik bang dat hij haar ook zo lafjes en eindeloos kusjes op haar oorlel gaat geven, zoals mijn ex altijd deed. Dan kon ik wel schreeuwen: kan het niet eens één keer hard en dierlijk??” Inge, over haar zoon Max (16)
“Toen ze geen talent bleek te hebben voor welke balsport dan ook leek atletiek haar wel leuk. Wij dachten nog, o god nee toch, dat wordt niks, maar tegen beter weten in gingen we toch maar, met donkere zonnebril op, mee naar de eerste training. Wat denk je? Tot diep in de nacht hebben we geruzied over de vraag wiens genen hier nu eigenlijk verantwoordelijk voor zijn.” Harm en Lieke over hun dochter Fleur (9)
“De lethargie is niet om aan te gluren. Vrijwel de hele dag ligt hij op bed. Het beddengoed is in geen eeuwen gewassen, staat stijf van zweet en god weet wat nog meer. En áls hij een keer z’n bed uitkomt zit ‘ie met zo’n depri hoofd en een zak chips in zijn worstige vingers naar TikTok-filmpjes te kijken. Als ik dan zo’n Haaland op het WK voetbal zie schitteren denk ik, ondanks dat nichterige lange haar: was dat maar mijn zoon.” Machteld, over haar zoon Alexander (14).
“Ik wist dat je de lat niet te hoog moet leggen, maar zo’n kind kan dus écht helemaal niks. Als het honger heeft huilt het, als het pijn heeft huilt het, als er even geen prikkels zijn huilt het. Probleemoplossend vermogen: nul. En jij mag als ouder steeds maar weer uitvogelen wat er aan de hand is. Zo’n kind is één groot enigma. Ik heb inmiddels met mijn baas afgesproken een dag in de week méér te gaan werken, als ik maar niet thuis hoef te zijn. Als ik dit had geweten was ik er nooit aan begonnen.” Paul, over de pasgeboren Emma.